Zorgplicht

De zorgplicht houdt in dat de beheerder de wettelijke taak heeft om de primaire kering aan de veiligheidseisen  te laten voldoen en voor het noodzakelijke preventieve beheer en onderhoud te zorgen. Om die reden worden de keringen door de beheerder regelmatig geïnspecteerd om te beoordelen of de fysieke toestand van de kering nog in overeenstemming is met de vigerende norm. In het geval de fysieke toestand van de kering door bijvoorbeeld technische veroudering of (storm)schade niet meer voldoet aan deze norm, dan dient de beheerder de nodige onderhouds- en herstelmaatregelen te treffen. De kosten van beheer en onderhoud komen voor rekening van de beheerder. Wijziging Waterwet Per 1-1-2014 is de rol van toezichthouder voor de primaire waterkeringen overgedragen van de provincie naar het Rijk, zodat de kadersteller direct het toezicht houdt op de waterkeringbeheerder. Dit is een wijziging van de Waterwet op basis van het Bestuursakkoord Water. In de praktijk zal de Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) namens het Rijk deze functie uitoefenen. De ILT houdt toezicht (i) op de periodieke toetsing van de primaire waterkeringen en (ii) op de wijze waarop de beheerder de zorgplicht uitvoert.

De toepassing van dijkmonitoring kan de beheerder in belangrijke mate helpen om zicht te krijgen op de toestand van haar kering. Met de inzet van meettechnieken kan de beheerder aan de ingezetenen aannemelijk maken dat al het mogelijke wordt gedaan om de veiligheid te borgen.

Relevante voorbeeldprojecten van dijkmonitoring in het kader van de zorgplicht zijn Vierhuizergat en Eemshaven.